BIO in de polder

Paul en Janine Keller-den Dunnen hebben een biologisch gemengd bedrijf met 35 hectare akkerbouw en vleesvee in Lage Zwaluwe. Er is veel aandacht voor korte kringlopen en biodiversiteit. Gasten kunnen op de boerderijcamping genieten van het bedrijf en de omgeving, waaronder Nationaal Park de Biesbosch

Het Netwerk Goed Boeren organiseerde een werkbezoek voor Statenleden op 18 oktober 2019. Tijdens deze dag werden er twee agrarische bedrijven bezocht die werken aan natuurinclusieve landbouw. BIO in de polder is een van deze bedrijven. Benieuwd naar het andere bedrijf? Klik hier!

Aangekomen op de boerderij gaan we net op tijd de schuur binnen. Een flinke regenbui barst lost boven het open polderlandschap. Achter in de schuur staan een aantal koeien op een laag van stro rustig te eten. De koeien zijn een belangrijke spil in het bedrijf.

Samen met de natuur
Paul en Janine hebben de boerderij recent overgenomen, waarmee zij de 7e generatie in de familie zijn die het bedrijf voortzetten. Bij de overname is de omschakeling naar een biologische bedrijfsvoering ingezet; een belangrijke stap. Er wordt zoveel mogelijk samen met de natuur gewerkt om voedsel te produceren. Zo is er ruimte voor gewassen die de bodem rust geven en worden bloemenranden en bomen aangeplant die zorgen voor meer biodiversiteit op het land. Janine vertelt er enthousiast over: “Deze schuur zit elk jaar weer vol met zwaluwen. Ze zijn nu uitgevlogen maar je kan de nesten nog zien zitten”. De liefde voor de natuur is terug te horen in de verhalen van Paul en Janine.

Biologische mest
De schuur was vroeger in gebruik voor de opslag van aardappelen maar tegenwoordig doet hij dienst als stal. Bij het zogenaamde potstalsysteem liggen de koeien op stro. De mest komt in het stro terecht en dagelijks wordt een schone laag stro toegevoegd. Zo ontstaat er een goede vaste mest, deze heeft een totaal andere kwaliteit dan de drijfmest die op de meeste bedrijven wordt geproduceerd. De mest uit de potstal is belangrijk voor de bodemkwaliteit van het akkerland. De ruige mest stimuleert het bodemleven waardoor er voeding vrijkomt voor de groei van de gewassen. Op het land groeit vervolgens weer gras-klaver, winterwortelen, aardappelen, rode kool en sperziebonen. Om voldoende rust aan de bodem te geven wordt er twee tot drie jaar grasklaver gezaaid. Dit dient als voer voor de koeien en zo is de kringloop rond.

Het is een bewuste keuze om geen mest van buiten het bedrijf te kopen, maar juist eigen dieren te houden, vertelt Janine. “Het voer dat de koeien eten bevat specifieke bacteriën en schimmels van ons land. Deze gaan door de koe
heen en komen via de mest weer op het land terecht. Via deze kringloop raken koe en bodem steeds beter op elkaar afgestemd.”

Het vee is een echte passie van Paul en de koeien worden ook ingezet voor natuurbeheer. Ze grazen in de uiterwaarden van de Biesbosch en zorgen daar dat de oevers niet overgroeid raken. Het is een robuust ras dat zelfs in de winter buiten zou kunnen blijven. De dieren dienen hierdoor meerdere doelen; vlees, mest en natuurbeheer.

Regelgeving maakt het steeds ingewikkelder om dieren te houden op het bedrijf. Dit terwijl de mest van deze dieren van grote waarde is voor de akkerbouw. Waar gangbare veehouders moeten betalen om hun mest kwijt te raken is er juist een tekort aan biologische mest. Een goede kwaliteit mest kan daarom geld opleveren. Binnen het gemengde kringloopbedrijf van Paul en Janine wordt het niet verkocht maar levert het een gezonde bodem op.

Lokale kringlopen
Door lokale kringlopen van voer en mest kan op een biologische manier voedsel worden geproduceerd met slechts kleine inputs van buiten het bedrijf. Het integrale systeem zorgt voor een goede balans tussen voedselproductie, biodiversiteit en de gezondheid van de bodem.

Het doel is te werken aan een gezondere bodem, door het binden en vasthouden van veel organische stof. Met veel gewasresten, natuurmaaisels, groenbemesters en mest wordt gestreefd naar een verhoging van 1% extra organische stof. Dit lijkt weinig, maar het is een proces van tientallen jaren. De bodem neemt hierdoor tegelijkertijd CO2 op uit de lucht, waardoor het bijdraagt aan een beter milieu. Zo kan de vruchtbare bodem ook voor toekomstige generaties behouden blijven.