Verdieping: koolstof, CO2 en organische stof

Organic002.jpg by NRCS Montana

De landbouw kan helpen bij het behalen van de klimaatdoelstellingen. Dat kan door het vasthouden van CO2 in de bodem en daarmee de uitstoot van CO2 verminderen. De bodem bevat altijd koolstof in de vorm van organische stof. Sommige bodems bevatten een hoog percentage en andere een laag. Door dit percentage te verhogen en deze organische stof vast te houden in de bodem komt het niet in de atmosfeer terecht als CO2.

Eerst de verdieping over stikstof lezen? Klik dan hier!

Win-win situatie
De meeste bodems bevatten slechts enkele procenten organische stof, 3 tot 8 procent. Het verhogen van dit gehalte met een enkele procent is een uitdaging, omdat er daarvoor veel organisch materiaal aan de bodem moet worden toegevoegd. Bijvoorbeeld in de vorm van compost, maaiselresten, gewasresten, mest, enzovoorts.
Voor boeren kan de gebonden organische stof een grote landbouwkundige meerwaarde hebben. Organische stof levert stabiliteit op voor de bodem door verbetering van de waterhuishouding, verbetering van de bodemstructuur en als voeding voor het bodemleven. Het verhogen van de organische stof in de bodem is een win-win situatie voor klimaat en voedselproductie.

Opname van CO2
Planten nemen tijdens de groei CO2 op uit de lucht en zetten dit om in organisch materiaal. Het materiaal wat na de oogst achterblijft, kan bijdragen aan de opbouw van organische stof in de bodem. Per gewassoort verschilt de hoeveelheid materiaal dat achterblijft en in welke mate dit bijdraagt aan de opbouw van organische stof in de bodem. Grasland voegt per saldo het meeste materiaal toe, omdat de bodem volledig bedekt blijft. Door deze bedekking is de afbraak en verlies van organische stof minder groot.

Ploegen of andere grondbewerkingen maakt de bodem kwetsbaarder voor afbraak.Tijdens bewerking van de grond wordt organische stof versnelt afgebroken. Blijvend grasland kan daardoor bijdragen aan het vastleggen van organisch materiaal en het verminderen van CO2 in de atmosfeer. Ook zijn er verschillende teeltsystemen waardoor er minder afbraak plaatsvindt.

Kringloop van organische stof
Landbouwbedrijven met een lokale kringloop kunnen het niveau van organische stof in de bodem behouden. Wanneer de mest van het dier naar de grond teruggaat waar dit voer is geteeld, ontstaat er een kringloop en blijft het organische stof-niveau beter op peil. In de mest van dieren zit namelijk nog veel organisch restmateriaal.

Bij de import van veel buitenlandse grondstoffen voor veevoer kunnen de gronden waar dit op geteeld is uitgeput raken. Deze gronden moeten weer aangevuld worden, veelal gebeurt dat onvoldoende doordat de mest in een ander land terecht komt. Indirect kan de niet-grondgebonden landbouw daarmee bijdragen aan uitputting van landbouwgrond in andere landen.

De grondgebonden landbouw kan met lokale kringlopen van voer en mest het gehalte organische stof van de bodem in stand houden. BIO in de polder en Kaasboerderij ’t Bosch zijn twee voorbeelden van bedrijven die hier mee bezig zijn.